Komeet Euclid: ESA-telescoop die sterrenstelsels in kaart brengt, ontdekt zijn eerste komeet
Gepubliceerd op · Bijgewerkt op

De ruimtetelescoop Euclid van ESA, gebouwd om sterrenstelsels in kaart te brengen, heeft zijn eerste komeet ontdekt: C/2026 S1 (Euclid). De komeet staat op ongeveer 1,3 miljard kilometer van de aarde, hoog boven het vlak waarin de planeten bewegen en bijna recht boven de zon; zijn baan maakt een hoek van 85° met dat vlak.
Een komeet tussen de sterrenstelsels
Euclid meet de vorm en de positie van miljarden sterrenstelsels om donkere materie en donkere energie op het spoor te komen. Voor bewegende objecten is de telescoop niet gemaakt: hij fotografeert elk stukje hemel meestal maar één keer en mijdt de band langs het vlak van de planeten, waar het wemelt van de planetoïden en kometen en waar stof in het zonnestelsel de hemelachtergrond lichter maakt.
De komeet dook op in het Euclid Deep Field North, een gebied van 20 vierkante graden in het sterrenbeeld Draak dat Euclid steeds opnieuw waarneemt. Dat veld ligt dicht bij de noordpool van de ecliptica: het punt aan de hemel recht boven het vlak van de planeten. Omdat de komeet zo hoog boven dat vlak staat, zien we hem vanaf de aarde op enkele graden van die pool, binnen het veld. ESA spreekt van een gelukkig toeval: de komeet trok precies door het veld op het moment dat Euclid het waarnam.
Mikko Pöntinen, promovendus aan de Universiteit van Helsinki, schreef software die bewegende objecten in de beelden van Euclid opspoort. Die software signaleerde een streep die zich over meerdere opnamen verplaatste. Pöntinen berekende waar het object daarna moest staan en vond het terug op 16 opnamen, gemaakt tussen 16 en 24 september 2026. Een vaag wolkje eromheen liet zien dat het een komeet was. Het Minor Planet Center, het centrale meldpunt van de Internationale Astronomische Unie voor zulke vondsten, maakte de ontdekking op 8 oktober bekend, na vervolgwaarnemingen met telescopen op aarde.
Een baan die bijna haaks op het vlak van de planeten staat
De planeten draaien in vrijwel één vlak om de zon, en de baan van deze komeet maakt met dat vlak een hoek van 85°. Op 28 oktober 2026 staat de komeet op 8,9 astronomische eenheden (AE) van de zon (1 AE is de afstand van de aarde tot de zon), en bijna net zo ver boven het vlak van de planeten. Zijn licht doet er 74 minuten over om ons te bereiken.

Het dichtst bij de zon komt de komeet in september 2027, op een afstand van 8,7 AE. Dat is dichter bij de zon dan Saturnus ooit komt, maar de komeet staat dan nog altijd ongeveer 8,5 AE boven het vlak van de planeten en blijft dus ver van elke planeet. JPL noemt als datum 20 september, het Minor Planet Center 2 september; beide baanberekeningen berusten op minder dan een maand aan waarnemingen.
ESA spreekt alleen van een omlooptijd van duizenden jaren, en dat is nog zacht uitgedrukt: de huidige baanberekeningen van JPL en het Minor Planet Center komen uit op respectievelijk zo’n 190.000 en 89.000 jaar. Met zo weinig waarnemingen kan geen van beide berekeningen uitsluiten dat dit de eerste en enige keer is dat de komeet langs de zon komt.
Waarom de komeet zo ver van de zon al een coma heeft
Kometen zijn ijzige, stoffige restanten uit de tijd waarin het zonnestelsel ontstond. Dicht bij de zon gaat hun ijs over in gas, en gas en stof vormen samen de coma en de staart. Waterijs, de meest voorkomende ijssoort, gaat buiten ongeveer 3 AE nauwelijks nog in gas over. Activiteit op bijna 9 AE komt dus waarschijnlijk van vluchtiger ijs, zoals bevroren koolmonoxide. Er is nog geen meting van gas uit deze komeet gepubliceerd, dus die verklaring is nog niet bevestigd.
Euclid en twee observatoria op aarde maten een coma van ongeveer 10 boogseconden doorsnede. Op de afstand van de komeet is dat zo’n 65.000 kilometer, vijf keer de middellijn van de aarde.
Kun je hem zelf zien?
Niet met je eigen ogen, zelfs niet door een grote telescoop in de achtertuin. Eind oktober is de voorspelde helderheid ongeveer magnitude 20,5 (JPL) of 20,7 (Minor Planet Center). Volgens een optimistische vuistregel haalt een ervaren waarnemer met een telescoop van 50 centimeter onder een donkere hemel ongeveer magnitude 17. De komeet is zo’n 25 keer zwakker, en zijn licht is ook nog uitgesmeerd tot een waas. Op opnamen met een lange belichtingstijd is hij wel vast te leggen, en onder de observatoria die hem na de ontdekking volgden, waren ook amateursterrenwachten met telescopen van 30 tot 43 centimeter doorsnede.
De komeet staat in de Draak, op een declinatie van +62°. Overal ten noorden van ongeveer 28° noorderbreedte gaat hij nooit onder, dus ook niet in Nederland. Op 28 oktober is het in Amsterdam vanaf ongeveer 19:15 Nederlandse tijd (18:15 UTC) helemaal donker; de komeet staat dan zo’n 66° boven de horizon. In de loop van de nacht zakt hij in het noorden tot ongeveer 24° boven de horizon rond 04:20 (03:20 UTC), en voor de ochtendschemering staat hij weer iets hoger. Op Aruba, Bonaire en Curaçao gaat hij een deel van de nacht onder, en vanuit São Paulo en verder naar het zuiden komt hij in het donker nooit hoger dan 5°.
Bronnen en licenties
- ESA, Euclid discovers new comet (19 oktober 2026) — De ontdekking, de datums van de opnamen (16–24 september 2026), de 16 opnamen, de ontdekker en zijn software, het Euclid Deep Field North, de bevestiging door het Minor Planet Center op 8 oktober, de afstand van 1,3 miljard km, de positie “recht boven de zon”, de omlooptijd van duizenden jaren en de waarnemingsstrategie van Euclid. https://www.esa.int/Science_Exploration/Space_Science/Euclid/Euclid_discovers_new_comet
- ESA, beeldpagina’s van de komeet — De hoofdafbeelding en de beschrijving ervan (20 september 2026, belichting van 560,52 seconden), de voorbeeldafbeelding (acht opnamen van 89,5 seconden, uitgelijnd op de komeet), de bronvermelding en de licentie. https://www.esa.int/ESA_Multimedia/Images/2026/10/Comet_C_2026_S1_Euclid_observations_in_context en https://www.esa.int/ESA_Multimedia/Images/2026/10/A_composite_of_eight_Euclid_VIS_exposures_of_Comet_C_2026_S1_Euclid
- ESA, Euclid's wide and deep surveys — Het Euclid Deep Field North: 20 vierkante graden in de Draak, heel dicht bij de noordpool van de ecliptica, gekozen omdat het veld het hele jaar door waar te nemen is. https://www.esa.int/ESA_Multimedia/Images/2023/02/Euclid_s_wide_and_deep_surveys
- Minor Planet Center, MPEC 2026-T146: Comet C/2026 S1 (Euclid) (8 oktober 2026) — De meldingen van de coma, de lijst van observatoria die vervolgwaarnemingen deden, met hun telescopen, de baan volgens het MPC (q = 8,754 AE, e = 0,9956, dus a ≈ 1993 AE en een omlooptijd van ongeveer 89.000 jaar), de periheliumdatum volgens het MPC (2 september 2027) en de helderheidsvoorspelling van het MPC. https://minorplanetcenter.net/mpec/K26/K26TE6.html
- JPL Small-Body Database, C/2026 S1 (Euclid), baanoplossing JPL#2 — De baanhelling (85,2°), de periheliumafstand (8,74 AE), de periheliumdatum (20 september 2027, onzekerheid 28 dagen), de grootte van de baan (a = 3310 AE, wat een omlooptijd van ongeveer 190.000 jaar geeft) en de onzekerheid daarvan, de excentriciteit van 0,997 ± 0,007, die ook een open baan niet uitsluit, en de periode waarin de waarnemingen zijn gedaan (16 september–13 oktober 2026). https://ssd.jpl.nasa.gov/tools/sbdb_lookup.html#/?sstr=C/2026%20S1
- JPL Horizons — De afstanden van de komeet tot de zon en de aarde, zijn hoogte boven het vlak van de planeten, zijn positie aan de hemel en zijn voorspelde helderheid, de datums en afstanden waarop hij het vlak van de planeten doorkruist, de posities en banen van de planeten in de figuur, en de zichtbaarheid vanuit Amsterdam en São Paulo (de grens van 28° noorderbreedte voor een hemellichaam dat nooit ondergaat, is onze eigen berekening: 90° − 61,8°). https://ssd.jpl.nasa.gov/horizons/
- M. Womack, G. Sarid, K. Wierzchos, CO in distantly active comets (2017) — De grens van ongeveer 3 AE waarbuiten waterijs nauwelijks nog sublimeert, en koolmonoxide als drijvende kracht achter de activiteit van kometen ver van de zon. https://arxiv.org/abs/1611.00051
- Journal of the British Astronomical Association, brieven over de grensmagnitude van telescopen (1999) — De vuistregel 3,7 + 5 log D (D in mm) voor een ervaren waarnemer die onder goede omstandigheden perifeer kijkt (net naast het object); voor 500 mm levert die regel magnitude 17,2 op. https://britastro.org/journal_old/archive/ap99ltrs.htm



